Platform voor de tuin- en groenprofessional
Spaarnestad zoekt ruimte voor groen: boven én onder de grond

Spaarnestad zoekt ruimte voor groen: boven én onder de grond

Haarlem is dichtbebouwd, versteend en vrijwel volledig aangewezen op inbreiding. Toch werd zij uitgeroepen tot de meest klimaatbestendige gemeente van Nederland. Dat is niet alleen het resultaat van ambitieuze doelen, maar vooral van een aanpak waarin data, beheer, bewonersinitiatieven en ecologische kwaliteit samenkomen. Tegelijkertijd wordt de strijd om ruimte steeds scherper. Vooral onder de grond dreigen kabels, leidingen, riolering en warmtenetten de groei van bomen en andere beplanting te belemmeren.

Wie op een warme dag vanuit de volle zon onder een volwassen boom stapt, begrijpt onmiddellijk wat groen oplevert. De straat wordt koeler en aangenamer, regenwater kan beter worden vastgehouden en planten en dieren krijgen leefruimte. Groen nodigt bovendien uit om te wandelen, spelen en elkaar te ontmoeten.

Die opbrengsten laten zich slechts gedeeltelijk in euro’s uitdrukken. Aanleg en beheer zijn zichtbaar in de gemeentelijke begroting; minder hittestress, een betere gezondheid en meer sociale samenhang veel minder. Het zichtbaar maken van die baten is een vraagstuk waarmee gemeenten landelijk worstelen. Binnen het vakgebied wordt daarom steeds vaker gekeken naar de relatie tussen de fysieke leefomgeving, gezondheid en het sociale domein, zonder dat daarvoor al één financieel model bestaat.

Spaarnestad zoekt ruimte voor groen: boven én onder de grond 1

Strak in het jasje

In Haarlem is die zoektocht extra urgent. De stad heeft nauwelijks buitengebied en kan voor nieuwe woningen vooral binnen de bestaande grenzen bouwen. Sommige buurten behoren tot de meest versteende van Nederland. Toch is groen stevig verankerd in de gemeentelijke koers. Het nieuwe college zet die vergroeningsambitie voort.

De gemeente probeert die ambitie meetbaar te maken. Jaarlijks wordt gevolgd hoeveel oppervlakte is vergroend, hoeveel bomen zijn toegevoegd en hoeveel wadi’s en groene daken zijn gerealiseerd. Ook worden ecologisch beheerde oppervlakten, waterkwaliteit, bijen en gebouwgebonden soorten zoals mussen, zwaluwen en vleermuizen gemonitord.

Boom- en groenpotentiekaarten helpen om kansen te vinden in de volle stad. Daarop is tot op boomniveau zichtbaar wat er al staat en waar nog ruimte kan worden gecreëerd, rekening houdend met kabels, leidingen, afvalcontainers, bushaltes en bebouwing. De oplossing verschilt per locatie. Soms is ruimte voor een boom, elders zijn gevelgroen, een groen dak of nestvoorzieningen logischer.

Spaarnestad zoekt ruimte voor groen: boven én onder de grond 2

Niet alleen aantallen

Bij bomen draait het niet uitsluitend om het aantal stammen. Een pas geplante boom vervangt de waarde van een volwassen exemplaar niet. De kroon van een oude boom biedt veel meer schaduw, verkoeling en leefgebied. Daarom krijgt de groeiplaats steeds meer aandacht. Zonder voldoende bodemvolume, water en wortelruimte blijft een boom klein en komen de beoogde ecosysteemdiensten nauwelijks tot ontwikkeling.

Ook de soortkeuze vraagt om maatwerk. Haarlem streeft naar meer inheemse beplanting: ongeveer 50 procent in de stad en 80 procent in natuurgebieden. Inheemse soorten sluiten het beste aan bij insecten die hier van nature voorkomen. Maar een boom in een hete, versteende straat moet ook tegen extreme omstandigheden kunnen en voldoende groot worden. Daardoor kan een niet-inheemse soort soms functioneler zijn.

Minstens zo belangrijk is dat het plantmateriaal gifvrij is opgekweekt. Inheemse planten met resten van bestrijdingsmiddelen dragen weinig bij aan insectenpopulaties. Het aanbod van gecertificeerd gifvrij plantmateriaal, vooral bomen, is echter nog beperkt. Door dit consequent uit te vragen probeert Haarlem samen met andere gemeenten de markt in beweging te krijgen.

Spaarnestad zoekt ruimte voor groen: boven én onder de grond 3

Groen verbindt

Op het Pretoriaplein in Haarlem-Noord maakte verharding plaats voor groen en speelruimte. Bewoners die al jaren tegenover elkaar woonden maar elkaar nauwelijks kenden, kwamen door de gezamenlijke inrichting en het beheer met elkaar in contact.

Haarlem ondersteunt jaarlijks drie grotere groene proefwijken met 50.000 euro per project. Daarnaast mogen bewoners geveltuinen aanleggen, boomspiegels beplanten en via buurtinitiatieven stukken verharding omvormen. Het standaard zwart schoffelen van boomspiegels is losgelaten. De openbare ruimte mag daardoor ecologischer ogen, al blijven toegankelijkheid en verkeersveiligheid randvoorwaarden.

Ook particulier terrein is cruciaal. Voor- en achtertuinen, binnenterreinen, daken en erven beslaan samen een veel groter oppervlak dan de gemeente zelf kan vergroenen. Elke verwijderde tegel draagt bij aan waterberging, verkoeling en een netwerk van kleine stapstenen voor insecten. Woningcorporaties hebben eveneens een rol. De Dudoktuin in Parkwijk laat zien hoe een groene binnentuin bij sociale woningen biodiversiteit, verblijfskwaliteit en ontmoeting kan stimuleren.

Spaarnestad zoekt ruimte voor groen: boven én onder de grond 4

Ondergrondse concurrentie

De grootste toekomstige uitdaging ligt waarschijnlijk onder het maaiveld. Riolering moet worden vervangen, elektriciteitsnetten worden verzwaard en steden krijgen nieuwe kabels, warmteleidingen en transformatorhuisjes. Die optelsom beperkt de ruimte voor boomwortels en groene structuren.

Dit is geen uitsluitend Haarlems probleem. Vrijwel alle gemeenten krijgen te maken met een ondergrond waarin publieke belangen elkaar verdringen. Haarlem probeert werkzaamheden te combineren: als een straat voor het riool opengaat, wordt bekeken of andere infrastructuur kan worden meegenomen en kabels beter kunnen worden gebundeld. Verschillende partijen werken echter met eigen planningen, regels en doorlooptijden. Daardoor is ‘werk met werk maken’ eenvoudiger gezegd dan gedaan.

Groen moet daarom vroeg in projecten worden meegenomen. Tijdig onderzoek kan bomen behouden of voorbereiden op verplanting. Wachten met vergroenen tot ieder toekomstig tracé vastligt, is geen oplossing; zulke processen kunnen jaren duren. De opgave is de ondergrond zo te ordenen dat ook bomen er oud kunnen worden.

Over twintig jaar moet Haarlem minder verhard, koeler en biodiverser zijn, met volwassen bomen die brede kronen hebben ontwikkeld. De waarde daarvan staat niet volledig op de balans, maar is dagelijks voelbaar: in gezondheid, leefbaarheid, ontmoeting en een stad die beter bestand is tegen hitte en regen. ‎‎

Dit artikel kwam tot stand met medewerking van groenstrateeg Marie-Thérèse Tetteroo-Mathijsen en bomenadviseur Jessica Ruijs van de gemeente Haarlem.

Spaarnestad zoekt ruimte voor groen: boven én onder de grond 5

Gerelateerde artikelen

"*" geeft vereiste velden aan

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Stuur ons een bericht

Wij gebruiken cookies. Daarmee analyseren we het gebruik van de website en verbeteren we het gebruiksgemak.

Details

Kunnen we je helpen met zoeken?

Bekijk alle resultaten